Digitale Televisie

Jump to: navigation, search

Digitale televisie is een vorm van televisie waarbij het televisiesignaal digitaal wordt overgezonden.

Traditioneel werd er in de hele wereld gebruikgemaakt van analoge televisie. Er bestaan daarvoor veertien verschillende standaarden (zie Televisiesysteem), die voor kleurentelevisie zijn aangevuld met PAL, NTSC of SECAM. Digitale televisie is echter sinds ongeveer 1990 aan een opmars bezig. Hierbij wordt in Europa gebruikgemaakt van de DVB-standaard. Een bijzondere vorm van digitale televisie is HDTV, dit is televisie met een hogere resolutie. In studio's en voor het transport van videosignalen tussen televisiestations onderling wordt uitsluitend digitaal gewerkt. Hierbij wordt meestal gebruikgemaakt van SDI (seriële digitale interface) gebaseerd op de ITU aanbeveling ITU-R BT.656. De internationale standaard waarmee digitale televisie apperatuur met elkaar wordt verbonden. Deze apparatuur werkt intern in het Component Video signaal 4:2:2 formaat zoals gedefinieerd in de ITU-R BT.601. standaard, voorheen CCIR 601. Bij beperkte bandbreedte (zoals via satelliet) wordt er meestal gekozen om te encoderen naar MPEG en dit te transporteren via SDH of IP.

Inhoud

Van analoog naar digitaal

Op een 'gewoon' analoog televisietoestel wordt het beeld lijn voor lijn weergegeven, waarbij het televisiebeeld in twee delen wordt overgestuurd en ververst: eerst komen de even lijnen binnen en dan de oneven lijnen. Daarbij moeten de beelden nog worden gesynchroniseerd met het geluidssignaal dat apart wordt uitgezonden. Het analoge signaal wordt gemakkelijk vervuild met ruis, waardoor het beeld minder scherp wordt. Het gevolg van dit alles is dat het televisiebeeld soms niet helemaal scherp is en af en toe flikkert. Ook de beperkte resolutie van analoge televisie is een nadeel. Afhankelijk van het systeem (B en D in het grootste deel van Europa en M in Amerika en Japan) zijn er 625 respectievelijk 525 beeldlijnen beschikbaar. De "slechtste" computermonitor heeft al een hogere resolutie dan de beste (analoge) televisie. Echter, aangezien men werkt met bewegende beelden, en omdat men op relatief grote afstand van een televisie zit, is dit niet zo erg als het lijkt.

Bij digitale televisie, DVB, zendt men momenteel veelal nog uit met conventionele resoluties. Meestal is dat op het moment de resolutie van systeem B, 720x576. De Nederlandse zenders gebruiken deze resolutie voor hun satellietuitzendingen. Het voordeel van digitale televisie is dat het beeld ruisvrij is. Goede analoge PAL-ontvangers zijn verder vrij duur om in een televisietoestel te stoppen. Bijgevolg zitten er in veel televisietoestellen ontvangers die kwaliteitsverlies opleveren; bij digitale televisie is dit probleem verdwenen.

Momenteel wordt de kwaliteit van digitale televisie echter eerder beperkt door de digitale bandbreedte dan door de resolutie. De Italiaanse publieke omroep zendt bijvoorbeeld uit in 576x576, maar de beeldkwaliteit is desondanks beter dan die van de Nederlandse zenders omdat er een hogere bandbreedte gebruikt wordt.

Er zijn in de DVB-standaard verschillende resoluties gedefinieerd. Naast de Europese resolutie 720x576 en de Amerikaanse resolutie 720x480 zijn er verscheidene HDTV-formaten gedefinieerd met als maximum 1920x1080.

Omdat digitale signalen compacter kunnen worden uitgezonden dan analoge signalen, blijft er bij een gelijk aantal televisiezenders ineens bandbreedte 'over'. Bij digitale televisie is er dus in principe de mogelijkheid om met dezelfde bandbreedte meer televisiezenders aan te bieden.

De televisiestations hebben straks ook nog eens de mogelijkheid om te kiezen of ze op een bepaald moment één enkel programma uit willen zenden met de hoogste kwaliteit of misschien toch een paar programma's tegelijk die met wat minder kwaliteit toe kunnen. Die keuze zal mede afhankelijk zijn van de aard van het programma. Naast televisiebeelden kan ook nog aanvullende informatie zoals teksten of hele webpagina's worden meegestuurd via het digitale signaal.

Vormen van digitale televisie

In de studio wordt het beeld al digitaal opgenomen en verwerkt. De gangbare standaard hier is ITU 601. Bij ITU 601 zijn de kleursignalen rood, groen en blauw gedigitaliseerd. Omdat er geen compressie wordt toegepast is de benodigde bandbreedte erg groot: 324 Mbit/s voor 1 TV-signaal. Om dit signaal te kunnen uitzenden moet wel compressie worden toegepast. Dat gebeurt met behulp van MPEG 2

Het aldus verkregen signaal kan op verschillende manieren worden uitgezonden:

Digitale televisie via de ether en de satelliet zijn het goedkoopst, maar omdat er zo alleen maar signalen uitgezonden kunnen worden (en niet ontvangen), zijn daarbij geen interactieve toepassingen mogelijk. Een ander nadeel van digitale televisie via de ether is dat het aantal zenders beperkt is. Via de kabel en via ADSL zijn er veel meer mogelijkheden: het aantal zenders kan veel groter zijn en ook interactieve televisie behoort tot de mogelijkheden.

Apparatuur

Bijna alle televisietoestellen in Nederland en België zijn alleen geschikt voor analoge beeldsignalen. Om toch digitale televisie te kunnen kijken op het 'gewone' televisietoestel moet een decoder (de set-top box) worden gebruikt; de decoder zet het digitale signaal om in een signaal dat geschikt is voor de tv. Om High Definition televisie, een vorm van digitale televisie, te kunnen ontvangen is een speciale decoder nodig. Voor iedere tv moet een eigen decoder worden aangeschaft. Op termijn zullen er vanzelfsprekend digitale televisietoestellen op de markt komen waar de decoder al zit ingebouwd. In het Verenigd Koninkrijk zijn ze daarmee wat verder dan in Nederland en België: de overheid heeft daar de eis gesteld dat het hele land in 2010 'digitaal' is.

Voor digitale televisie via de ether of de satelliet dient men overigens ook nog te beschikken over een eigen (schotel)antenne.

Aanbod

Vlaanderen

  • Telenet biedt sinds september 2005 digitale televisie aan onder de naam Telenet Digital tv, gebaseerd op DVB-C maar op een 'eigen' manier gecodeerd: enkel hun eigen decoder kan dus het beeld weer tevoorschijn halen. Telenet bedient ongeveer twee derde van de Vlaamse huishoudens.
  • Interkabel startte met digitale televisie iN.Di op 15 december 2004, eveneens gebaseerd op DVB-C. Er was in het begin in tegenstelling tot Telenet volledige vrijheid welke decoder je gebruikte. De nieuwste decoder heeft echter ook een boxkey, waardoor dit voordeel wegvalt. Interkabel bedient het overige één derde van de Vlaamse bevolking.
  • Belgacom biedt sinds juni 2005 digitale televisie aan via DSL (IPTV). Het is na Telenet de grootste aanbieder.
  • TV Vlaanderen biedt sinds 15 december 2005 digitale uitzendingen aan via satelliet. Het pakket van TV Vlaanderen werd officieel gelanceerd op dinsdag 6 juni 2006. TV Vlaanderen heeft als grote voordeel dat je vrij kan kiezen welke decoder je gebruikt, zolang hij maar overweg kan met de door hun gebruikte codering (Seca2).
  • De VRT biedt ook zijn netten digitaal via de ether in DVB-T aan, met een dekking van 99,9% in Vlaanderen.

Wallonië

  • Voo ontstond in april 2006 en is een fusie tussen ALE-Télédis en Brutele. Ze werken samen met Interkabel (iN.Di) .

Nederland

Zie ook

Externe links


Deze tekst is een bewerking van een originele tekst, afkomstig uit de 'reguliere' Wikipedia, waarvan de link is: http://nl.wikipedia.org/wiki/Digitale_tv

Personal tools